Zwangerschap
Voor de meeste vrouwen is een zwangerschap een natuurlijk proces. Als verloskundigen controleren wij dan alleen. Vinden we een afwijking, dan kan het nodig zijn de huisarts of gynaecoloog in te schakelen. We zullen jou in raad en daad bijstaan, zodat je goed voorbereid bent op de bevalling en het ouderschap.
Eerste controle
Zodra je zwanger bent, kun je bellen om een afspraak te maken voor een echo en een intakegesprek. De echo maken we tussen week 8 en week 10 van de zwangerschap om de vitaliteit van de zwangerschap te beoordelen. Na 2 weken doen we wederom een echo om extra zekerheid te hebben over de zwangerschapsduur. Het intakegesprek vindt plaats tussen week 10 en week 12. We stellen je veel vragen, om een goede indruk te krijgen van je gezondheid, je eventuele vorige zwangerschappen en mogelijke erfelijke zaken in de familie. Verder meten we je bloeddruk en krijg je een formulier mee om bloedonderzoek te laten doen bij het SALTRO.
Vervolgcontroles
In het begin van de zwangerschap zit er meer tijd tussen de controles dan aan het eind van de zwangerschap. Elke controle meten we je bloeddruk. Ook onderzoeken we je buik om te weten of de baby goed groeit en luisteren we naar de hartactie van de baby. Urineonderzoek gebeurt alleen op indicatie, bijvoorbeeld bij vermoeden op een blaasontsteking of bij hoge bloeddruk. Bij 30 weken krijg je nog een bloedonderzoek voor het ijzergehalte in je bloed. Natuurlijk word je in de loop van de zwangerschap ook voorgelicht over de bevalling, de kraamtijd en de voeding voor de baby. Bij 36 weken bieden we je de mogelijkheid van een liggingsecho aan. Weet wel dat dit geen 100% zekerheid biedt betreft de ligging tijdens de bevalling.
Aanvullend onderzoek
Er bestaan diverse screeningsonderzoeken naar aangeboren afwijkingen van je kindje. Bij een screeningsonderzoek gaat het om kansberekening. Je hebt dus na dit onderzoek nog geen zekerheid.
Rond week 12 kan een 1 e trimesterscreening worden verricht. In jouw bloed wordt gekeken naar de concentratie van twee specifieke hormonen. Ook wordt met echoscopie gezocht naar een eventuele verdikte nekplooi. Dit is een vochtschil in de nek van de baby. Uit dit onderzoek volgt dan een kansberekening. Met andere woorden, de kans dat jouw kind een chromosomale afwijking heeft is dan 1 op de zoveel. Dit onderzoek is niet belastend voor je kind. Is je kans na het onderzoek verhoogd (vanaf 1 op 250), dan kom je in aanmerking voor testen die wel zekerheid geven, zoals een vruchtwaterpunctie of een vlokkentest.
Rond 20 weken kun je bij ons een screeningsecho laten maken. Er wordt hierbij gezocht naar afwijkingen bij de baby. Onder andere het hartje van de baby wordt grondig nagekeken.
Soms worden er afwijkingen gevonden en sta je opeens voor de keuze of je je zwangerschap moet voortzetten of afbreken. Soms is het nodig afwijkingen langer te vervolgen. En een enkele keer is het nodig in het ziekenhuis te bevallen in aanwezigheid van een specialist zoals een kinderarts.
Meestal zijn de uitslagen van de screeningsonderzoeken geruststellend. Bedenk wel dat ze geen zekerheden bieden. Bepaalde afwijkingen worden niet altijd gevonden. Soms zijn de uitslagen afwijkend en is er achteraf toch niets aan de hand. Bedenk dus dat de onderzoeken veel onrust met zich mee kunnen brengen. Bespreek dus eerst met elkaar wat je zou willen doen bij een afwijkende uitslag. Wil je doorgaan met verder onderzoek? Zou je de zwangerschap kunnen afbreken?
Ook kan het zijn dat de verloskundigen aanraden om extra echo’s te maken. Reden kunnen zijn dat er sprake is van bloedverlies, twijfel over de groei of de ligging van de baby, bepaling van de placentalokalisatie.
Echo’s gemaakt op indicatie worden vergoed door de verzekeringsmaatschappij. |